Meest gestelde vragen over kruisbandletsel

Moet een gescheurde kruisband altijd geopereerd worden?

Er wordt individueel bepaald of er een noodzaak is om de stabiliteit te herstellen. De mate van instabiliteit speelt daarbij een belangrijke rol en de conditie van de knie eveneens. Leeftijd speelt geen rol. Bij milde instabiliteitklachten (bij voorbeeld alleen tijdens vermoeidheid) kan gekozen worden voor een conservatief beleid. Soms kunnen de andere delen van de knie (menisci, buitenbanden en spieren) een deel van de verloren stabiliteit opvangen. De spieren zijn trainbaar, waardoor ze de functie van de kruisband deels kunnen overnemen. Als je weinig uitdagende activiteiten van je knie vraagt, dan kun je doorgaans prima functioneren zonder voorste kruisband. Echter, als je een sport of beroep hebt waarin regelmatig draaibewegingen moeten worden uitgevoerd en/of als je telkens terugkerende kniepijn of verzwikkingen blijft houden, dan moet overwogen worden om operatief een nieuwe kruisband in de knie te zetten. Als er naast schade aan de kruisband ook aan andere stabiliserende delen van de knie (menisci, andere banden, “unhappy triad”) schade is, wordt vrijwel altijd gekozen voor operatief ingrijpen. Indien alleen instabiliteit wordt ervaren bij verhoogde belastingsmomenten kan voor deze momenten ook een brace worden gedragen. De behandeling wordt derhalve geindividualiseerd!

Voorkomt een operatieve behandeling dat de knie een slijtage ontwikkelt?

Met de operatieve behandeling wordt de kans op een toekomstige slijtage weliswaar verkleind maar niet voorkomen. Er zijn meerdere factoren die de kans op slijtage beïnvloeden zoals overgewicht, zware kniebelastende sport of werkzaamheden, een as afwijking, al aanwezige schade van kraakbeen in de knie en soms zijn er erfelijke oorzaken die een vervroegde slijtage van een knie veroorzaken.

Wat is het beste moment om een knie te stabiliseren?

Het letsel van de voorste kruisband wordt meestal niet acuut (dezelfde dag of week) geopereerd. De kans op complicaties is dan groter. Men brengt liever geen tweede trauma toe aan een knie zo kort na het eerste knietrauma. Als er een indicatie is voor operatieve behandeling wordt meestal 4 tot 6 weken gewacht met de operatie. De knie komt dan tot rust (minder pijn, volledige strekking en geringe zwelling) en kan door de fysiotherapeut worden voorbereid voor de operatieve behandeling. Het bloed in de knie is opgeruimd en de beweeglijkheid is verbeterd. Meestal wordt getracht de knie binnen 3 tot 6 maanden te behandelen.

Wat gebeurt er bij de operatie?

Het doel van de operatie is het plaatsen van een nieuwe kruisband. Meestal wordt deze gemaakt van lichaamseigen materiaal en soms van donormateriaal. De twee meest gebruikte operatietechnieken zijn een stuk van de hamstringpees of een stukje uit de kniepees van de knieschijf te gebruiken voor de nieuwe band. De nieuwe band wordt via boortunnels in de knie geplaatst op de plek waar de oorspronkelijke voorste kruisband heeft gezeten.

Welke keuze is beter? Hamstrings of kniepees?

Er zijn ten aanzien van deze keuze geen verschillen in het uiteindelijke resultaat van behandeling. Het succes van de operatie hangt af van correcte plaatsing van de tunnels in bovenbeen en onderbeen, het op juiste spanning inbrengen van de nieuwe kruisband, adequate fixatie van de nieuwe kruisband en een goede revalidatie bij een ervaren fysiotherapeut. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat zowel de zogeheten hamstringmethode als de kniepeesmethode leiden tot goede functionele resultaten, herstel van de stabiliteit en lage kans op complicaties. De botblokjes groeien iets sneller in dan de pezen in de bottunnels maar daar staat weer tegenover dat bij hamstrings in een kleiner percentage pijnklachten worden gezien en gemakkelijker de knie kan worden gebogen na de operatie.

Wat is het risico van overdraagbare ziekten als het HIV virus en Hepatitis B bij gebruik van donormateriaal?

Dit risico is door de screening van de donoren nihil. In feite heeft het donormateriaal de eigenschappen van de donor niet meer. Bovendien zijn de materialen bestraald ten behoeve van sterilisatie.

Hoe kan een kruisband afscheuren?

Binnen de sport is komt een voorste kruisband (VKB) letsel vaker voor dan een achterste kruisband letsel. Van alle VKB-rupturen is 70% gebaseerd op een non-contact traumamechanisme. Met non-contact wordt bedoeld dat de krachten die zorgden voor de VKB-ruptuur afkomstig waren van de beweging van de persoon zelf en er geen contact was met een andere persoon of met een object. Meestal gebeurt het scheuren in een draaibeweging van de knie. Normaliter is dat geen probleem; de draaikrachten op het gewricht worden opgevangen door de spieren. Maar soms gaat het mis bijvoorbeeld bij een misstap, plotselinge verdraaiing of onhandige actie. Je spieren reageren dan net een fractie te laat. Onderzoekers hebben aangetoond dat de tijd die verstrijkt tussen initieel grondcontact en het ruptureren van de VKB slechts 17-70 milliseconden bedraagt.

Wat is de kans dat een voorste kruisband opnieuw scheurt?

In feite moet worden gesteld dat de nieuwe kruisband zich gedraagt als de oorspronkelijke kruisband en dat er een nieuwe scheur kan optreden indien het trauma erg genoeg is. In de sport zijn daar genoeg voorbeelden van. Uit onderzoek dat zich binnen 2 jaar re-rupturen voordoen bij 3-22% van de patiënten en contralaterale VKB-rupturen bij 3-24% van de patiënten. Als je een voorste-kruisbandreconstructie hebt gehad, heb je daarna meer dan 15% kans op een nieuwe kruisbandblessure. Dat kan zowel aan je geopereerde knie als aan je andere knie zijn; het risico daarop is ongeveer even groot.

Kan een kruisbandplastiek nog eens worden geopereerd als deze onverhoopt opnieuw scheurt?

Ja, in principe is dit mogelijk maar dan is de voorspelbaarheid van het functionele resultaat minder groot. De keuze van het transplantaat wordt bepaald door de eerste operatie. De gezonde knie wordt meestal niet gebruikt als donor voor de kniepees of de hamstrings. Een donorpees is wel een goed alternatief.

Kan de revalidatie niet korter?

Neen! Voor een optimaal resultaat is een revalidatie periode van minimaal 6 maanden vereist. Recente onderzoeken adviseren een revalidatie periode van 9 tot 12 maanden. De duur van de revalidatie wordt bepaald door het uiteindelijke gewenste niveau van functioneren in werk of sport. Het duurt 6 tot 12 maanden vanwege een aantal redenen. Zo moet de nieuw ingezette kruisband moet eerst goed vastgroeien voordat voluit getraind kan worden, er moeten weer nieuwe bloedvaatjes naar de kruisband toegroeien, zodat de nieuwe band sterk blijft. Dat kost tijd. In de tussentijd mag nog geen volledige trekkracht op de band komen. 3) de samenwerking tussen spier en zenuwen moet herstelt. De oorspronkelijke kruisband bestaat voor circa 2,5% bestaat uit zenuwtjes die informatie geven aan de spieren over de kniepositie. Met die informatie weten de spieren wanneer ze moeten aanspannen. Met een ruptuur raken ook de zenuwtjes beschadigd en is de informatievoorziening naar de spier verstoord. Het vervangen van de kruisband leidt niet tot herstel van die zenuwen. Herstel van de informatievoorziening naar de spieren moet via training weer ontwikkeld worden. Dit vergt tijd en veel oefening.

Hoe verloopt de revalidatie?

Het herstel begint al voor de operatie. Ga op zoek naar juiste specialisten voor informatie, diagnose, operatie en revalidatie. De operatie is een belangrijke stap in je herstel, maar de revalidatie daarna is minstens zo belangrijk. Een kruisbandrevalidatie vergt doorzettingsvermogen, want je bent er minimaal 9 tot 15 maanden mee bezig voordat je weer 100% kan sporten. Het herstel na de operatie verloopt in verschillende fases. In de eerste fase staat centraal dat de wond goed geneest, de beweeglijkheid van de knie herstelt en het normaal looppatroon zonder krukken wordt opgebouwd. Daarnaast is spiercontrole belangrijk. De tweede fase staat in het teken van verdere krachtopbouw via intensieve training. Pas als het herstel op circa 80% is, vangt de derde fase aan waarin terugkeer naar de sport het doel is.

Mijn knie maakt allerlei geluiden. Wat is hiervan de oorzaak en ontstaat er schade in de knie?

In het verloop van de revalidatie doorloopt de knie een aantal biologische herstelfasen. De sporing van de knieschijf is ten gevolge van de atrofie van de bovenbeenmusculatuur verstoord hetgeen gepaard kan gaan met krakende of knoepende sensaties in het strekapparaat. Deze geluiden verdwijnen meestal vanzelf als de spierkracht verbetert. Bij inactiviteit (altijd vermijden!) kunnen in de knie verklevingen (adhesies) ontstaan die ook geluiden kunnen veroorzaken. Alleen als de geluiden gepaard gaan met de vorming van vocht , (pseudo)slotgevoel of met pijn is het verstandig te overleggen met de operateur. In het merendeel der gevallen hebben de geluiden in de knie geen consequenties ten aanzien van toekomstige schade in het kniegewricht..

Moeten de schroeven worden verwijderd?

De bioresorbeerbare schroeven die gemaakt zijn van, hydroxyapatiet/tricalciumfosfaat of van polylactaat of een andere lichaamsvriendelijke stof lossen in de loop van enkele jaren op en hier merkt de patiënt niets van. Indien er metalen schroeven worden gebruikt behoeven de schroeven ook niet te worden verwijderd tenzij er klachten bestaan gerelateerd aan de schroef maar dit komt zelden voor. Bij een revisie operatie moeten de metalen schroeven wel worden verwijderd teneinde een nieuwe tunnel te kunnen boren en de nieuwe kruisband te fixeren.