In 00's

24 februari 2016

 

Een gescheurde kruisband is de belangrijkste, enige herinnering van Diego Simeone aan Eindhoven en het Philips Stadion. Vandaag keert de Argentijn er, vijftien jaar later, terug als een van de meest bewonderde trainers van het moment.

Het is 26 september 2001. PSV ontvangt Lazio Roma in de groepsfase van de Champions League. Het regent. Diego Simeone geniet. “Het veld was lekker nat, de wedstrijd was intens, alles wees erop dat het een heerlijke voetbalavond zou worden. En toen overkwam me dit, op de allerdomste manier”, herinnert de dan 31-jarige Argentijn zich enkele dagen later, inmiddels iets gerustgesteld door de medische proeven.

Het is zeven minuten voor rust, Simeone springt bij een hoge voorzet naar de bal, samen met PSV-doelman Ivica Kralj. De Argentijnse middenvelder komt verkeerd terecht, zijn knie houdt hem niet; hij voelt direct dat het heel erg fout is. “Niet de kruisband, niet de kruisband”, jammert hij als hij in de regen op een brancard wordt afgevoerd.
Het is wel de kruisband, blijkt al snel. En een volledig kapotte meniscus. Simeone denkt maar aan één ding: de volgende zomer is het WK in Japan en Korea. De kruisband is niet volledig afgescheurd. Het is zijn redding, binnen zes maanden staat hij weer op het veld. Het WK wordt een sof, dat wel, als Argentinië al in de eerste ronde wordt uitgeschakeld. Maar Diego Simeone kan nog enkele jaren aan zijn loopbaan plakken.

bron: ad.nl

 

Simeone beschouwt de in Eindhoven opgelopen knieblessure als het dieptepunt van zijn carrière, zo zou hij in augustus 2009 zeggen in een gesprek met FIFA.com. “Ik sprong op en landde daarna op mijn linkerbeen. Dat kon mijn gewicht niet dragen en toen zei mijn rechterbeen krak. Ik wist meteen dat het ernstig was. Het voelde alsof mijn knie eraf lag. Het revalidatieproces was zwaar: ik kon twee maanden niet lopen en daarna draaide mijn hele leven om die knie. Het was het allemaal waard, want ik kon het WK uiteindelijk spelen.”









Recente artikelen

Laat een reactie achter